07th jan2014

Jack over z’n verslavingen

by toscasel

Sinds Jack Wouterse op tv vertelde verslaafd te zijn  aan drank, coke en eten lijkt zijn leven om dat thema te draaien. ‘Ik zou het graag eens ergens anders over hebben, maar het is te  belangrijk om het te laten.’

‘Eet je die nog op?’ vraagt Jack Wouterse terwijl hij naar de laatste brownie in het Koekela-doosje wijst. We zitten aan een groot houten bureau in de werkkamer van zijn Rotterdamse huis in een zijstraat van de Beukelsdijk. De acteur die in All Stars, Vet Hard, Grijpstra & De Gier, King Lear, Chez Nous en Dokter Tinus speelde, vertelde in het tv-programma 24 uur met…dat hij in een Schotse afkickkliniek had gezeten voor zijn coke-, drank- en eetverslaving. Van de drank en de drugs blijft hij al drie jaar af, maar eten doet hij nog steeds veel te graag en veel te veel.

‘Ik ben gestopt met alles behalve eten’

‘Het doosje moet leeg, anders blijf ik ermee bezig’, zegt de acteur terwijl hij de laatste brownie in z’n mond steekt. ‘Ik ben gestopt met alles behalve eten. Ik heb morbide obesitas zoals dat heet. Ik weeg 150 kilo en ik kan mezelf dood eten, maar ik wil geen maagverkleining, ik wil het probleem zelf tackelen.’ Dus staat hij vier keer per week in de sportschool. Een uurtje cardio en een uurtje zwemmen en relaxen in het bubbelbad. Wouterse: ‘Die hele wellnesstrend, dat Libellegetrut, is er niet voor niets. Ik heb geleerd dat ik niet alleen m’n lichaam moet trainen, maar ook m’n geest. Tijdens het sporten maak ik m’n hoofd leeg en dat is belangrijk om niet in het oude gedrag te vervallen.’

En een vol hoofd, dat is waar het bij hem misging. Hij speelde, haalde nachten door met drank en gebruikte drugs om uit bed te kunnen komen. Het sloop erin: ‘Soms zit je hoofd zo vol van het werken dat je dope gaat gebruiken om rustig te worden. Het begint met “Ik heb een borrel nodig”, dat worden er twee en voor je het weet doe je het iedere dag. Ik kon een fles whisky leegdrinken en dan nog een fles wodka en dan stond ik nog steeds op m’n benen. “Knap” zeggen mensen dan. Nou, ik zou liever zoals andere mensen na twee glazen omgaan. Dan heb je tenminste een natuurlijke stop.’

Afzuigkapverkoper
Wouterse leerde drinken en ‘dingen die je op die leeftijd met meisjes doet’ in Amersfoort, waar hij aan de pedagogische academie studeerde. Het beviel hem niet dus na een jaar stond hij in een winkel: ‘Ik verkocht “de Mercedessen onder de afzuigkappen”, maar ik geloofde er niet in. Verkopen heeft iets viezigs. Als er dan bijvoorbeeld een vrouw met weinig geld de zaak in kwam, dacht ik: Mens, ga naar de Hema, daar koop je er zes voor dat geld.’

‘Ik ben er trots op dat ik de belasting mag betalen’

In de winkel probeerde Wouterse zich te herinneren wat hij het allerleukste vond om te doen en dat bleek het kleine beetje toneelspelen te zijn dat hij tijdens z’n opleiding had gedaan. Dus hij besloot naar de toneelschool te gaan: ‘Ik was een jaar of 22 en werd aangenomen. Waarschijnlijk niet omdat ik zo’n goede acteur was. Ik was in m’n hele leven maar naar één toneelstuk geweest, iets van Godfried Bomans. Ik wist er echt geen fuck van, maar het waren de jaren zeventig en ik was links genoeg, dus ik mocht komen.’

In het tweede jaar van de toneelschool koopt Wouterse een wagen en reist hij rond om zoveel mogelijk te kunnen spelen. Hij rolt met een clownsact het circus in en begint zijn eigen circus Circo Fiasco. ‘Mensen vinden dat altijd romantisch, maar het is echt ondenkbaar zwaar. Mensen die ‘s zomers in een caravan gaan zitten, ik snap daar niets van. Doe mij maar een huis met een douche.’

Na tien jaar rondtrekken, belandt de acteur weer in het theater en van daar gaat het balletje rollen.Hij wordt gevraagd voor de film De Noorderlingenen vanaf dat moment is hij overal. ‘Mensen vinden mij altijd een beetje een  rare acteur omdat ik serieus toneel kan spelen zoals in King Lear, los kan gaan in een actiefilm zoals Vet Hard, kleine kunstzinnige dingen doe en ook in C1000-reclames speel. Ik ben trots op die filmpjes, omdat het heel leuke filmpjes zijn. Het is ook leuk dat ik ervoor betaald oorlog, maar we moeten het maar niet over geld hebben.’

Slaaf, the movie
Waar we het wel over moeten hebben, is de film Slaaf. Een project waar Wouterse de afgelopen maanden stilletjes maar hard aan heeft gewerkt: ‘De afgelopen twee seizoenen speelde ik Slaaf, een monoloog waarin de hoofdpersoon afscheid neemt van al zijn verslavingen. Omdat ik die teksten gespeeld had en zag hoeveel impact ze hadden, wilde ik er meer mee doen. Het is een film geworden over iemand die in z’n huiskamer voor een camera alles opbiecht voordat hij zichzelf van kant maakt.’

‘Mijn leven is echt leuker geworden zonder drank en drugs’

Voor Wouterse is het belangrijk dat deze film er komt. ‘Je wordt er niet vrolijk van, maar het is voor sommige mensen een heel belangrijk onderwerp. Voor mij hoeven er geen grote groepen mensen te komen die na afloop depressief naar buiten rollen, maar ik zou het wel fijn vinden als er een paar mensen komen voor wie die film echt iets kan betekenen.’

Drie jaar na z’n tv coming-out als verslaafde gaat het lekker met Wouterse. Een zomer fulltime therapie en oneindig veel bijeenkomsten van de Alcoholics Anonymous, Narcotics Anonymous en Overeaters Anonymous hebben zijn leven veranderd: ‘Ik ga niet meer naar al die meetings toe. Ik zou het eigenlijk wel moeten doen, om te vertellen dat het goed gaat. Mijn leven is echt leuker geworden zonder drank en drugs. Waar je ook verslaafd aan bent, het gaat uiteindelijk maar een kant op: de dood. Het is zo fucking eenzaam en het wordt alleen maar eenzamer. De enige weg om eruit te komen is door hulp te gaan halen. Zoek mensen op die eruit zijn gekomen, laat je vertellen hoe het voor hen werkte.’

‘Iedereen is koopverslaafd’
Eigenlijk is Wouterse het hele onderwerp verslaving ‘kotsbeu’: ‘Ik zou het graag eens over andere dingen hebben, maar het is zo’n groot en belangrijk probleem. We zijn allemaal koopverslaafd, we zijn allemaal koopziek. Al die mensen die door de Media Markt banjeren om te kijken naar dingen die ze niet nodig hebben. Dit verhaal moet ik blijven vertellen omdat mensen verslaafd zijn aan deze manier van leven.’

Het vuur laait op in z’n ogen als hij het over de huidige economie heeft: ‘Ik ben zo’n oude man aan het worden die de hele tijd loopt te kankeren, maar ik kan me er echt over opwinden. Dingen als solidariteit, delen en liefde vind ik heel belangrijk. Ik ben er trots op dat ik belasting mag betalen. Daar worden parken van aangelegd en onderhouden, daar draait de gezondheidszorg op. Die lasten moeten we samen dragen. Het communisme is naar de klote gegaan, maar niemand twijfelt aan het kapitalisme. Het moet de nek omgedraaid worden. Bankdirecteuren moeten de gevangenis in. Dat zijn echt heel foute mensen van wie alles afgepakt moet worden. Als je het mij vraagt, is de crisis pas net begonnen. Ik ben geen econoom, maar het lijkt me duidelijk dat het zo niet werkt. Het moet anders. Koop die nieuwe spijkerbroek eens niet. Ga op een berg zitten met een stokbrood en kijk om je heen, daar gaat het in het leven om. Stilte zoeken en in het nu leven, niet meer dat gejaag. Dat zou al heel wat zijn.’
Gepubliceerd in januari 2014 in Profielen, het blad voor de Hogeschool Rotterdam.
Profielen wordt ook digitaal gepubliceerd, het hele nummer vind je hier.

Copyright: Tekst: Tosca Sel, Foto: Frank Hanswijk – niets van deze pagina mag zonder toestemming worden gebruikt. Vragen? tosca@toscasel.nl

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

De volgende HTML-tags en -attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>